Art. 48m Wte, Dwangsom en bestuurlijke boete
Wet toezicht effectenverkeer 1995 (Wte)
1. Met het oog op een adequate functionering van de effectenmarkten of de positie van de beleggers op die markten, kan Onze Minister, onverminderd artikel 31, eerste en tweede lid, het feit ter zake waarvan de last onder dwangsom of de bestuurlijke boete is opgelegd, het overtreden voorschrift, alsmede de naam, het adres en de woonplaats van degene aan wie de last onder dwangsom of de bestuurlijke boete is opgelegd, ter openbare kennis brengen.
2. Onze Minister kan regels stellen ter zake van de uitoefening van de bevoegdheid, bedoeld in het eerste lid.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- CBb 9 februari 2006, ECLI:NL:CBB:2006:AV2682
- Rb. Rotterdam 10 december 2008, ECLI:NL:RBROT:2008:BG7839
- Rb. Rotterdam 10 oktober 2006, ECLI:NL:RBROT:2006:AZ0060
- Rb. Rotterdam 24 april 2006, ECLI:NL:RBROT:2006:AW9642
- Rb. Rotterdam 27 februari 2006, ECLI:NL:RBROT:2006:AV3029
- Rb. Rotterdam 27 juni 2003, ECLI:NL:RBROT:2003:AH8853
- Rb. Rotterdam 14 april 2003, ECLI:NL:RBROT:2003:AF7603
- Rb. Amsterdam 6 maart 2008, ECLI:NL:RBAMS:2008:BC9309
- Conclusie A-G De Vries Lentsch-Kostense 5 juni 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BH2822
- Hof Amsterdam 20 juni 2006, ECLI:NL:GHAMS:2006:AX8970
- Hof Amsterdam 9 februari 2006, ECLI:NL:GHAMS:2006:AV1424
- Hof Amsterdam 6 oktober 2005, ECLI:NL:GHAMS:2005:AU7819