Art. 2 Douanewet, Inleidende bepalingen
1. In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder Communautair douanewetboek: verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 12 oktober 1992 tot vaststelling van het communautair douanewetboek (PbEG L 302).
2. In deze wet en de andere wetten inzake de rechten bij invoer en de rechten bij uitvoer, alsmede de daarop berustende bepalingen, wordt in aanvulling op de begripsbepalingen van het Communautair douanewetboek verstaan onder:
a. wettelijke bepalingen: de bepalingen inzake de rechten bij invoer en de rechten bij uitvoer, waaronder begrepen de regelingen bedoeld in artikel 1, vierde lid;
b. toepassingsverordening Communautair douanewetboek: verordening (EEG) nr. 2454/93 van de Commissie van de Europese Gemeenschappen van 2 juli 1993 houdende vaststelling van enkele bepalingen ter uitvoering van verordening (EEG) nr. 2913/92 van de Raad van de Europese Gemeenschappen tot vaststelling van het communautair douanewetboek (PbEG L 253);
c. landbouwheffingen: zowel landbouwheffingen als andere belastingen bij invoer die zijn vastgesteld in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid of in dat van specifieke regelingen die op bepaalde door verwerking van landbouwprodukten verkregen goederen van toepassing zijn;
d. anti-dumpingheffingen en compenserende heffingen: heffingen die zijn ingesteld krachtens verordening (EG) nr. 384/96 van de Raad van de Europese Unie van 22 december 1995 betreffende beschermende maatregelen tegen invoer met dumping uit landen die geen lid zijn van de Europese Gemeenschap (PbEG 1996 L 56) of verordening (EG) nr. 2026/97 van de Raad van de Europese Unie van 6 oktober 1997 betreffende bescherming tegen invoer met subsidiëring uit landen die geen lid van de Europese Gemeenschap zijn (PbEG L 288);
e. besloten terreinen: terreinen die door gebouwen dan wel door muren, schuttingen of dergelijke afsluitingen van de openbare landweg zijn afgescheiden;
f. erf: het onmiddellijk aan een woning of ander gebouw gelegen, daarbij behorende en daarmede in gebruik zijnde terrein;
g. schip: elk vaartuig, hoe ook genaamd en van welke aard ook.
3. In deze wet en de andere wetten inzake de rechten bij invoer en de rechten bij uitvoer, alsmede de daarop berustende bepalingen, wordt mede verstaan onder:
a. gebouwen: onroerende tanks, alsmede de daarbij behorende leidingen;
b. terreinen: wateren;
c. werktuigen: voor bewaring van goederen dienende grondvaten, tanks, bakken en dergelijke ruimtehoudende lichamen;
d. identificatiemaatregelen: sluitingen.
4. Goederen die, zonder te worden verplaatst, zich elders bevinden dan in of op een gebouw, erf of besloten terrein worden in ieder geval geacht in vervoer te zijn.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 4 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:779
- CBb 3 september 2009, ECLI:NL:CBB:2009:BK4116
- Conclusie A-G De Wit 8 april 2005, ECLI:NL:PHR:2005:AQ7207
- Hof Amsterdam 25 oktober 2012, ECLI:NL:GHAMS:2012:BY2297
- Hof Amsterdam 24 november 2011, ECLI:NL:GHAMS:2011:BU6821
- Hof Amsterdam 14 februari 2006, ECLI:NL:GHAMS:2006:AV2896
- Rb. Haarlem 29 september 2011, ECLI:NL:RBHAA:2011:BU9965
- Rb. Haarlem 23 mei 2011, ECLI:NL:RBHAA:2011:BR5723
- Rb. Haarlem 18 april 2011, ECLI:NL:RBHAA:2011:BR2614
- Rb. Haarlem 18 mei 2010, ECLI:NL:RBHAA:2010:BM7566
- Rb. Haarlem 2 februari 2010, ECLI:NL:RBHAA:2010:BM6273
- Rb. Haarlem 25 oktober 2010, ECLI:NL:RBHAA:2010:4945
- Rb. Haarlem 11 december 2009, ECLI:NL:RBHAA:2009:BL0330
- Rb. Haarlem 31 maart 2008, ECLI:NL:RBHAA:2008:BD1554
- Rb. Haarlem 10 december 2007, ECLI:NL:RBHAA:2007:BB9808
- Rb. Haarlem 5 oktober 2007, ECLI:NL:RBHAA:2007:BB9039
- Rb. Haarlem 5 november 2007, ECLI:NL:RBHAA:2007:BB8702
- Rb. Haarlem 18 oktober 2007, ECLI:NL:RBHAA:2007:BB6569
- Rb. Haarlem 6 oktober 2005, ECLI:NL:RBHAA:2005:AU7645
- Rb. Haarlem 5 juli 2005, ECLI:NL:RBHAA:2005:AT9543