Art. 51a WVW, Inschrijving in het kentekenregister en tenaamstelling
1. Een tenaamstelling in het kentekenregister vervalt overeenkomstig bij algemene maatregel van bestuur vastgestelde regels.
2. Een tenaamstelling in het kentekenregister wordt overeenkomstig bij algemene maatregel van bestuur vastgestelde regels vervallen verklaard:
a. indien de tenaamstelling heeft plaatsgevonden op grond van bij de inschrijving of tenaamstelling verschafte onjuiste gegevens en dat inschrijving zou zijn geweigerd indien de onjuistheid van die gegevens ten tijde van de aanvraag bekend zou zijn geweest, dan wel
b. indien blijkt dat de tenaamstelling kennelijk abusievelijk heeft plaatsgevonden.
3. Onverminderd het eerste en tweede lid, kan een tenaamstelling vervallen worden verklaard:
a. indien de ter zake van het voertuig verschuldigde belastingen en rechten niet zijn voldaan;
b. indien het ingeschreven voertuig niet voldoet aan de bij of krachtens deze wet, met uitzondering van hoofdstuk III, vastgestelde eisen;
c. indien in de bouw of inrichting van het ingeschreven voertuig wijzigingen zijn aangebracht die niet zijn goedgekeurd overeenkomstig het bepaalde bij of krachtens deze wet;
d. indien het ingeschreven voertuig een schadevoertuig betreft dat voldoet aan bij ministeriële regeling vastgestelde kenmerken, dan wel indien het voertuig na herstel van de schade niet voldoet aan de bij ministeriële regeling te stellen eisen ten aanzien van de wijze waarop de schade is hersteld;
e. indien de eigenaar of houder van een voertuig onvrijwillig de beschikkingsmacht over dat voertuig heeft verloren, mits wordt voldaan aan de bij algemene maatregel van bestuur vastgestelde voorwaarden, dan wel
f. in andere bij algemene maatregel van bestuur vast te stellen gevallen.
4. De Dienst Wegverkeer kan een vervallen verklaarde tenaamstelling laten herleven, dan wel laten herleven voor het rijden over de weg, indien de reden voor vervallenverklaring is komen te vervallen.
5. In bij algemene maatregel van bestuur vast te stellen gevallen kan worden bepaald dat een tenaamstelling na verloop van bij die algemene maatregel van bestuur te bepalen tijdsperiode van rechtswege vervalt.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- ABRvS 29 januari 2020, ECLI:NL:RVS:2020:278
- ABRvS 9 mei 2018, ECLI:NL:RVS:2018:1570
- ABRvS 14 juni 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1572
- ABRvS 26 juni 2024, ECLI:NL:RVS:2024:2596
- ABRvS 17 maart 2021, ECLI:NL:RVS:2021:572
- ABRvS 24 mei 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1371
- ABRvS 12 oktober 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2678
- ABRvS 24 december 2025, ECLI:NL:RVS:2025:6358
- ABRvS 22 maart 2017, ECLI:NL:RVS:2017:761
- ABRvS 6 september 2017, ECLI:NL:RVS:2017:2417
- ABRvS 16 november 2016, ECLI:NL:RVS:2016:3023
- ABRvS 10 februari 2016, ECLI:NL:RVS:2016:289
- ABRvS 17 augustus 2016, ECLI:NL:RVS:2016:2228
- ABRvS 8 juli 2015, ECLI:NL:RVS:2015:2121
- Rb. Zeeland-West-Brabant 2 juni 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:4897
- Rb. Zeeland-West-Brabant 4 februari 2022, ECLI:NL:RBZWB:2022:597
- Rb. Rotterdam 21 maart 2023, ECLI:NL:RBROT:2023:2492
- Rb. Rotterdam 30 oktober 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:9658
- Rb. Noord-Nederland 13 maart 2024, ECLI:NL:RBNNE:2024:939
- Rb. Noord-Holland 14 oktober 2022, ECLI:NL:RBNHO:2022:10438