Art. 10a AI, Vuurwapens
Ambtsinstructie voor de politie, de Koninklijke marechaussee en andere opsporingsambtenaren (AI)
1. De ambtenaar waarschuwt onmiddellijk voordat hij gericht met een vuurwapen, niet zijnde een vuurwapen waarmee lange afstandsprecisievuur kan worden afgegeven, zal schieten, met luide stem of op andere niet mis te verstane wijze dat geschoten zal worden, indien niet onverwijld het gegeven bevel wordt opgevolgd. Deze waarschuwing, die zo nodig vervangen kan worden door een waarschuwingsschot, blijft slechts achterwege, wanneer de omstandigheden de waarschuwing niet toelaten.
2. Een waarschuwingsschot moet op zodanige wijze worden gegeven, dat gevaar voor personen of zaken zoveel mogelijk wordt vermeden.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Rb. Den Haag 2 december 2016, ECLI:NL:RBDHA:2016:14520
- Conclusie A-G Harteveld 25 juni 2013, ECLI:NL:PHR:2013:677
- Rb. Zeeland-West-Brabant 28 april 2022, ECLI:NL:RBZWB:2022:2343
- Rb. Midden-Nederland 14 juni 2024, ECLI:NL:RBMNE:2024:3662
- Rb. Middelburg 23 februari 2012, ECLI:NL:RBMID:2012:BV6782
- Conclusie A-G Harteveld 21 november 2017, ECLI:NL:PHR:2017:1354
- Conclusie A-G Bleichrodt 24 maart 2015, ECLI:NL:PHR:2015:668
- Hof Arnhem-Leeuwarden 17 april 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:3618
- Hof Amsterdam 10 september 2015, ECLI:NL:GHAMS:2015:3879