Art. 2 AWGB, Algemene uitzonderingen
Algemene wet gelijke behandeling (AWGB)
1. Het in deze wet neergelegde verbod van onderscheid geldt niet ten aanzien van indirect onderscheid indien dat onderscheid objectief gerechtvaardigd wordt door een legitiem doel en de middelen voor het bereiken van dat doel passend en noodzakelijk zijn.
2. Het in deze wet neergelegde verbod van onderscheid op grond van geslacht geldt niet:
a. in gevallen waarin het geslacht bepalend is;
b. in gevallen waarin het de bescherming van de vrouw betreft, en
c. in verband met zwangerschap en moederschap.
3. Het in deze wet neergelegde verbod van onderscheid geldt niet, indien het onderscheid een specifieke maatregel betreft die tot doel heeft vrouwen of personen behorende tot een bepaalde etnische of culturele minderheidsgroep een bevoorrechte positie toe te kennen ten einde feitelijke nadelen verband houdende met de gronden ras of geslacht op te heffen of te verminderen en het onderscheid in een redelijke verhouding staat tot dat doel.
4. Het in deze wet neergelegde verbod van onderscheid op grond van ras geldt niet:
a. in gevallen waarin uiterlijke kenmerken die samenhangen met het ras van een persoon bepalend zijn, mits het doel legitiem en het vereiste evenredig aan dat doel is;
b. indien het onderscheid betrekking heeft op uiterlijke kenmerken die samenhangen met het ras van een persoon en vanwege de aard van de betrokken specifieke beroepsactiviteit of de context waarin deze wordt uitgeoefend, een wezenlijk en bepalend beroepsvereiste vormt, mits het doel legitiem is en het vereiste evenredig aan dat doel is.
5. Het in deze wet neergelegde verbod van onderscheid op grond van nationaliteit geldt niet:
a. indien het onderscheid is gebaseerd op algemeen verbindende voorschriften of geschreven of ongeschreven regels van internationaal recht en
b. in gevallen waarin de nationaliteit bepalend is.
6. Bij algemene maatregel van bestuur worden de in het tweede, vierde en vijfde lid, onderdeel b, bedoelde gevallen nader omschreven.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Conclusie A-G Snijders 24 mei 2024, ECLI:NL:PHR:2024:567
- Conclusie A-G Snijders 22 december 2023, ECLI:NL:PHR:2023:1207
- ABRvS 2 september 2009, ECLI:NL:RVS:2009:BJ6690
- Conclusie A-G Snijders 22 december 2023, ECLI:NL:PHR:2023:1206
- Conclusie A-G Snijders 11 juni 2021, ECLI:NL:PHR:2021:589
- ABRvS 25 november 2009, ECLI:NL:RVS:2009:BK4364
- Rb. Zwolle 31 maart 2000, ECLI:NL:RBZWO:2000:AA5483
- Rb. Utrecht 29 augustus 2012, ECLI:NL:RBUTR:2012:BX5810
- Rb. Utrecht 10 januari 2007, ECLI:NL:RBUTR:2007:AZ7462
- Rb. Utrecht 3 mei 2006, ECLI:NL:RBUTR:2006:AW7505
- Rb. Utrecht 15 november 2005, ECLI:NL:RBUTR:2005:AU6168
- Rb. Utrecht 25 januari 1999, ECLI:NL:RBUTR:1999:AA3420
- Rb. Rotterdam 21 december 2011, ECLI:NL:RBROT:2011:BU9633
- Rb. Rotterdam 6 augustus 2008, ECLI:NL:RBROT:2008:BD9643
- Rb. Noord-Holland 26 september 2025, ECLI:NL:RBNHO:2025:11085
- Rb. Midden-Nederland 26 april 2022, ECLI:NL:RBMNE:2022:2027
- Rb. Midden-Nederland 7 oktober 2020, ECLI:NL:RBMNE:2020:4307
- Rb. Midden-Nederland 10 juni 2013, ECLI:NL:RBMNE:2013:CA3500
- Rb. Den Haag 28 oktober 2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:19487
- Rb. Den Haag 18 oktober 2023, ECLI:NL:RBDHA:2023:15524