Art. 38 BIG, Voorbehouden handelingen
Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (BIG)
Het is degene die zijn bevoegdheid tot het verrichten van een bij of krachtens de artikelen 36 tot en met 37 omschreven handeling ontleent aan het bij of krachtens die artikelen bepaalde verboden aan een ander opdracht te geven tot het verrichten van die handeling, tenzij:
a. in gevallen waarin zulks redelijkerwijs nodig is aanwijzingen worden gegeven omtrent het verrichten van de handeling en toezicht door de opdrachtgever op het verrichten van de handeling en de mogelijkheid tot tussenkomst van een zodanig persoon voldoende zijn verzekerd en
b. hij redelijkerwijs mag aannemen dat degene aan wie de opdracht wordt gegeven, in aanmerking genomen het onder a bepaalde, beschikt over de bekwaamheid die vereist is voor het behoorlijk verrichten van de handeling.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Hof Arnhem-Leeuwarden 10 juli 2018, ECLI:NL:GHARL:2018:6232
- Rb. Gelderland 4 juli 2018, ECLI:NL:RBGEL:2018:2950
- Rb. Rotterdam 28 augustus 2017, ECLI:NL:RBROT:2017:6624
- Conclusie A-G Langemeijer 9 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:729
- ABRvS 7 augustus 2019, ECLI:NL:RVS:2019:2712
- Rb. Rotterdam 30 augustus 2023, ECLI:NL:RBROT:2023:7494
- Rb. Rotterdam 13 juli 2016, ECLI:NL:RBROT:2016:5812
- Rb. Midden-Nederland 2 maart 2016, ECLI:NL:RBMNE:2016:1013
- Conclusie A-G Vellinga 1 september 2015, ECLI:NL:PHR:2015:1930
- Hof Den Haag 26 augustus 2025, ECLI:NL:GHDHA:2025:1585
- Hof Den Haag 27 augustus 2019, ECLI:NL:GHDHA:2019:2241
- Hof Den Haag 27 augustus 2019, ECLI:NL:GHDHA:2019:2240
- Hof Arnhem-Leeuwarden 6 mei 2025, ECLI:NL:GHARL:2025:2757