Art. 11 Regeling zeilvliegen

Regeling zeilvliegen

1. De positie en de maximale hoogte van een zeilvliegliergebied worden vastgesteld door de LVB-organisatie, in overeenstemming met de Minister van Defensie.

2. Aan de vaststelling kunnen, in verband met de veiligheid van het luchtverkeer, voorwaarden worden verbonden.

3. Het als zodanig vastgestelde zeilvliegliergebied moet worden gepubliceerd in de voor luchtvaartinlichtingen bestaande luchtvaartpublicaties.