Art. 90j Wtk, Dwangsom en bestuurlijke boete
Wet toezicht kredietwezen 1992 (Wtk)
1. De bevoegdheid een boete op te leggen vervalt indien ter zake van de overtreding een strafvervolging is ingesteld en het onderzoek ter terechtzitting een aanvang heeft genomen, dan wel het recht tot strafvordering is vervallen ingevolge artikel 74 van het Wetboek van Strafrecht.
2. Het recht tot strafvervolging met betrekking tot een overtreding als bedoeld in artikel 90c vervalt, indien Onze Minister, dan wel de Bank voor zover zij bevoegd is een boete op te leggen, ter zake van die overtreding reeds een boete heeft opgelegd.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Conclusie A-G Hofstee 30 november 2021, ECLI:NL:PHR:2021:1115
- Conclusie A-G Jörg 30 september 2008, ECLI:NL:PHR:2008:BE9819
- Rb. Rotterdam 21 november 2005, ECLI:NL:RBROT:2005:AU7199
- Rb. Rotterdam 28 juni 2005, ECLI:NL:RBROT:2005:AT8722
- Rb. Rotterdam 19 oktober 2004, ECLI:NL:RBROT:2004:AR4867
- Hof 's-Hertogenbosch 17 april 2023, ECLI:NL:GHSHE:2023:2495
- Hof 's-Hertogenbosch 8 maart 2006, ECLI:NL:GHSHE:2006:AW1631