Art. 3:100 BW, Verkrijging en verlies door verjaring
Burgerlijk Wetboek Boek 3 (BW3)
Hij die een nalatenschap in bezit heeft genomen, kan die nalatenschap en de daartoe behorende goederen niet eerder door verjaring ten nadele van de rechthebbende verkrijgen dan nadat diens rechtsvordering tot opeising van die nalatenschap is verjaard.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Hof 's-Gravenhage 21 augustus 2012, ECLI:NL:GHSGR:2012:BY2203
- Rb. Rotterdam 11 februari 2015, ECLI:NL:RBROT:2015:1028
- Rb. Midden-Nederland 23 september 2015, ECLI:NL:RBMNE:2015:6791
- Conclusie A-G de Bock 17 juni 2016, ECLI:NL:PHR:2016:522
- Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 27 augustus 2024, ECLI:NL:OGHACMB:2024:160
- Hof Arnhem-Leeuwarden 29 juli 2025, ECLI:NL:GHARL:2025:4717
- Hof Amsterdam 10 december 2013, ECLI:NL:GHAMS:2013:4520