Art. 6:187 BW, Produktenaansprakelijkheid
1. Onder product wordt voor de toepassing van deze afdeling verstaan een roerende zaak, ook nadat deze een bestanddeel is gaan vormen van een andere roerende of onroerende zaak, alsmede elektriciteit.
2. Onder "producent" wordt voor de toepassing van artikel 185 tot en met 193 verstaan de fabrikant van een eindprodukt, de producent van een grondstof of de fabrikant van een onderdeel, alsmede een ieder die zich als producent presenteert door zijn naam, zijn merk of een ander onderscheidingsteken op het produkt aan te brengen.
3. Onverminderd de aansprakelijkheid van de producent, wordt een ieder die een produkt in de Europese Economische Ruimte invoert om dit te verkopen, te verhuren, te leasen of anderszins te verstrekken in het kader van zijn commerciële activiteiten, beschouwd als producent; zijn aansprakelijkheid is dezelfde als die van de producent.
4. Indien niet kan worden vastgesteld wie de producent van het produkt is, wordt elke leverancier als producent ervan beschouwd, tenzij hij de benadeelde binnen een redelijke termijn de identiteit meedeelt van de producent of van degene die hem het produkt heeft geleverd. Indien ten aanzien van een in de Europese Economische Ruimte geïmporteerd produkt niet kan worden vastgesteld wie de importeur van dat produkt is, wordt eveneens elke leverancier als producent ervan beschouwd, tenzij hij de benadeelde binnen een redelijke termijn de identiteit meedeelt van de importeur in de Europese Economische Ruimte of van een leverancier binnen de Europese Economische Ruimte die hem het produkt heeft geleverd.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Rb. Amsterdam 14 februari 2024, ECLI:NL:RBAMS:2024:745
- Conclusie A-G Wissink 21 februari 2020, ECLI:NL:PHR:2020:175
- Rb. Rotterdam 21 juni 2017, ECLI:NL:RBROT:2017:4825
- Rb. Rotterdam 21 juni 2017, ECLI:NL:RBROT:2017:5027
- Rb. Midden-Nederland 6 februari 2019, ECLI:NL:RBMNE:2019:307
- Conclusie A-G Wissink 21 februari 2020, ECLI:NL:PHR:2020:176
- Rb. Midden-Nederland 21 juni 2017, ECLI:NL:RBMNE:2017:7048
- HR 16 juli 2021, ECLI:NL:HR:2021:1172
- Hof Arnhem-Leeuwarden 17 december 2019, ECLI:NL:GHARL:2019:10751
- Rb. Rotterdam 22 januari 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:468
- Rb. Amsterdam 4 september 2024, ECLI:NL:RBAMS:2024:5572
- Conclusie A-G Hartlief 21 oktober 2016, ECLI:NL:PHR:2016:1372
- Conclusie A-G Wissink 7 december 2012, ECLI:NL:PHR:2012:BX9790
- Hof 's-Hertogenbosch 22 april 2002, ECLI:NL:GHSHE:2002:BA7276
- Rb. Zeeland-West-Brabant 27 mei 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:6172
- Rb. Zutphen 7 februari 2007, ECLI:NL:RBZUT:2007:BA5773
- Rb. Zutphen 26 juli 2006, ECLI:NL:RBZUT:2006:AZ0545
- Rb. 's-Gravenhage 21 april 2010, ECLI:NL:RBSGR:2010:BM6985
- Rb. Rotterdam 28 juni 2023, ECLI:NL:RBROT:2023:5214
- Rb. Rotterdam 12 september 2018, ECLI:NL:RBROT:2018:7466