Art. 5:141 BW, Wijziging van de akte van splitsing en opheffing van de splitsing
Burgerlijk Wetboek Boek 5 (BW5)
1. Bij gebreke van de in de artikelen 139, 140 en 140a bedoelde toestemming of daarvoor in de plaats tredende machtiging wordt de wijziging vernietigd bij rechterlijke uitspraak op vordering van degeen wiens toestemming achterwege is gebleven.
2. De bevoegdheid om vernietiging te vorderen verjaart door verloop van een jaar, welke termijn begint met de aanvang van de dag, volgende op die waarop degeen die de vernietiging kan vorderen kennis heeft genomen van de wijziging dan wel hem schriftelijk van die wijziging mededeling is gedaan.
3. De rechter kan de vordering afwijzen, wanneer de eiser geen schade lijdt of hem een redelijke schadeloosstelling wordt aangeboden en voor de betaling hiervan voldoende zekerheid is gesteld.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 14 juli 2017, ECLI:NL:HR:2017:1356
- Hof Arnhem-Leeuwarden 7 september 2021, ECLI:NL:GHARL:2021:8500
- Conclusie A-G Timmerman 7 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:308
- Hof Arnhem-Leeuwarden 25 juni 2013, ECLI:NL:GHARL:2013:4467
- Hof Amsterdam 24 januari 2017, ECLI:NL:GHAMS:2017:190
- Hof Amsterdam 6 december 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:5196
- Hof Amsterdam 22 maart 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:1092
- Rb. Leeuwarden 5 september 2012, ECLI:NL:RBLEE:2012:BX6230
- Rb. Amsterdam 17 september 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:6788
- Rb. Amsterdam 16 maart 2022, ECLI:NL:RBAMS:2022:1662
- Hof 's-Gravenhage 7 juni 2011, ECLI:NL:GHSGR:2011:BR0221
- Hof Amsterdam 28 mei 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:1925