Art. 5:118 BW, Algemene bepalingen
1. Een appartementseigenaar kan, voor zover in de akte van splitsing niet anders is bepaald, zonder medewerking van de overige appartementseigenaars op het gedeelte van de onroerende zaken dat bestemd is om als afzonderlijk geheel door hem te worden gebruikt, een erfdienstbaarheid vestigen ten behoeve van een ander gedeelte van die zaken of van een andere onroerende zaak.
2. Een appartementseigenaar kan, voor zover in de akte van splitsing niet anders is bepaald, zonder medewerking van de overige appartementseigenaars de vestiging van een erfdienstbaarheid die uitsluitend strekt ten behoeve van een gedeelte van de onroerende zaken dat bestemd is om als afzonderlijk geheel door hem te worden gebruikt, aannemen en van zodanige erfdienstbaarheid afstand doen.
3. De in dit artikel bedoelde erfdienstbaarheden gaan teniet, wanneer de bevoegdheid tot uitsluitend gebruik van het gedeelte dat met de erfdienstbaarheid is belast of ten behoeve waarvan de erfdienstbaarheid is bedongen eindigt.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Rb. Noord-Holland 10 augustus 2022, ECLI:NL:RBNHO:2022:7041
- Rb. Limburg 8 november 2023, ECLI:NL:RBLIM:2023:6643
- Rb. Limburg 8 november 2023, ECLI:NL:RBLIM:2023:6642
- Rb. Den Haag 23 juli 2025, ECLI:NL:RBDHA:2025:13494
- Rb. Amsterdam 15 februari 2023, ECLI:NL:RBAMS:2023:1991
- Hof Den Haag 13 juni 2023, ECLI:NL:GHDHA:2023:1065