Art. 55 Mediaw, Overige rechten en verplichtingen
1. Instellingen die zendtijd hebben verkregen zijn met al hun activiteiten, behoudens het bepaalde in de artikelen 26, 43a, 52 en 52b, niet dienstbaar aan het maken van winst door derden. Desgevraagd tonen zij dit ten genoegen van het Commissariaat voor de Media aan.
2. Indien een instelling voornemens is een overeenkomst te sluiten met een werknemer, een bestuurslid van de instelling of een van hun huisgenoten, dan wel met een rechtspersoon waarin een of meer van de genoemde personen alleen of tezamen een financieel belang hebben van tenminste tien percent of ten aanzien waarvan zij tantième- of winstrechten hebben, terwijl die overeenkomst geen betrekking heeft op de relatie die de instelling met de betrokkene heeft als werknemer of bestuurslid, meldt de instelling dit schriftelijk bij het Commissariaat voor de Media onder overlegging van het ontwerp van de overeenkomst. Een dergelijke overeenkomst wordt schriftelijk aangegaan.
3. Het bepaalde in de voorgaande leden heeft ten aanzien van de educatieve omroepinstelling, overheidsinstellingen, kerkgenootschappen, genootschappen op geestelijke grondslag en politieke partijen uitsluitend betrekking op hun werkzaamheden die strekken tot de verzorging van hun radio- en televisieprogramma's.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- ABRvS 27 juni 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BW9561
- ABRvS 18 februari 2004, ECLI:NL:RVS:2004:AO3926
- ABRvS 3 april 2013, ECLI:NL:RVS:2013:BZ7616
- ABRvS 22 december 2010, ECLI:NL:RVS:2010:BO8329
- ABRvS 18 december 2000, ECLI:NL:RVS:2000:AA9683
- Rb. Zwolle-Lelystad 6 juni 2008, ECLI:NL:RBZLY:2008:BG2715
- Rb. Amsterdam 11 mei 2011, ECLI:NL:RBAMS:2011:BT6505
- Rb. Amsterdam 11 mei 2011, ECLI:NL:RBAMS:2011:BR0599
- Rb. Amsterdam 11 mei 2011, ECLI:NL:RBAMS:2011:BQ8964
- Rb. Amsterdam 2 april 2010, ECLI:NL:RBAMS:2010:BM2218