Art. 21 IWS, De duur van de uitkering
Invoeringswet stelselherziening sociale zekerheid (IWS)
1. De persoon die op de dag, onmiddellijk voorafgaande aan het intreden van zijn werkloosheid, werknemer in de zin van de nieuwe Werkloosheidswet was, wordt voor de toepassing van de artikelen 17 , onderdeel b, en 17b van die wet als werknemer in de zin van die wet beschouwd gedurende de periode waarin hij:
a. voor de dag, waarop de nieuwe Werkloosheidswet in werking treedt, als werknemer in de zin van de Werkloosheidswet of de Wet Werkloosheidsvoorziening in dienstbetrekking heeft gestaan dan wel zijn militaire dienstplicht of in plaats daarvan vervangende dienst heeft vervuld;
b. vanaf de dag, waarop de nieuwe Werkloosheidswet in werking treedt, een arbeidsverhouding had ter zake waarvan hem door het Rijk invaliditeitspensioen was verzekerd.
2. Ten aanzien van de persoon, bedoeld in artikel 12, derde en vijfde lid, is het eerste lid, onderdeel a, van overeenkomstige toepassing.
3. Met betrekking tot de periode voor de dag, waarop de nieuwe Werkloosheidswet in werking treedt, is artikel 17, derde lid, van overeenkomstige toepassing.
4. Met betrekking tot de periode vanaf de dag, waarop de nieuwe Werkloosheidswet in werking treedt, is artikel 17, derde lid, onderdeel b en e, van overeenkomstige toepassing.
5. Onze Minister is bevoegd met betrekking tot dit artikel nadere en zo nodig afwijkende regels te stellen.