Art. 7 Beschikking superheffing bedrijfsopvolgingssituaties onderbezetting

Beschikking superheffing bedrijfsopvolgingssituaties onderbezetting

1. Een aanspraak kan eveneens worden erkend, indien

a. in de periode tussen 1 september 1981 en 1 maart 1984 investeringsverplichtingen zijn aangegaan ten behoeve van uitbreiding van het aantal standplaatsen met meer dan 25% voor een bedrag van tenminste f 20,000; en

b. het totaal aantal melk- of kalfkoeien volgens de landbouwtelling 1983 minder dan 90% bedroeg van het totaal aantal aanwezige standplaatsen, na de uitbreiding; en

c. het aantal standplaatsen in de situatie vóór de uitbreiding tenminste 20 bedroeg; en

d. het aantal standplaatsen na de uitbreiding tenminste 30 bedraagt; en

e. is aangetoond dat op het overgenomen of over te nemen bedrijf tussen 1 januari 1978 en 1 april 1984 op enig moment bedrijfsmatig melk of het equivalent daarvan is afgeleverd.

2. Ten genoegen van de minister dient te worden aangetoond, dat de betrokken standplaatsen vóór 1 april 1986 waren gerealiseerd, ingericht en bestemd voor melk- en kalfkoeien.

Uitspraken die dit artikel aanhalen