Art. 4 Beschikking controlevoorschriften inzake het gebruik of de bestemming van bepaalde landbouwprodukten 1979
Voor de toepassing van artikel 2 worden met interventieprodukten gelijkgesteld:
a. de door telersverenigingen of groeperingen van telersverenigingen als bedoeld in artikel 13 onderscheidenlijk artikel 15 van Verordening (EEG) nr. 1035/72 (Pb. E.G. nr. L 148) ingevolge de desbetreffende communautaire bepalingen uit de markt genomen produkten voor zover bij de verkoop aan deze produkten een bijzonder gebruik en/of een bijzondere bestemming dient te worden gegeven, zolang die voorwaarde nog niet volledig is vervuld;
b. de door de producentengroeperingen als bedoeld in artikel 5 van Verordening (EEG) nr. 3796/81 (PbEG L 379), ingevolge de desbetreffende communautaire bepalingen uit de markt genomen produkten, voor zover bij de verkoop aan die produkten een bijzonder gebruik en/of een bijzondere bestemming dient te worden gegeven en zolang die voorwaarden nog niet volledig is vervuld;
c. de produkten, waarvoor een opslag- of verwerkingscontract is gesloten met de Minister of een buitenlands interventiebureau, indien daaraan om voor steun in aanmerking te komen ingevolge enige communautaire bepaling een bijzonder gebruik en/of een bijzondere bestemming dient te worden gegeven, zolang die voorwaarde nog niet volledig is vervuld.