Art. 32 Algemeen EEG-IJkbesluit, Voorschriften omtrent beperking van het gebruik en wijze van opstelling en van gebruik
1. Het bij de artikelen 33 en 34 bepaalde geldt uitsluitend ten aanzien van de bij artikel 2, eerste lid, aangewezen meetmiddelen:
a. die EEG-geijkte meetmiddelen zijn, of
b. die kennelijk EEG-geijkte meetmiddelen zijn geweest.
2. Het bij de artikelen 33 en 34 bepaalde geldt niet ten aanzien van de meetmiddelen, aangewezen bij artikel 2, eerste lid, onder c, 2°, en e, 3° en 4°.