Art. 10 Beschikking Dagloonregelen WAMIL 1972, Bijzondere bepalingen inzake dagloonvaststelling voor de toepassing van de hoofdstukken II en III van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening militairen
Beschikking Dagloonregelen WAMIL 1972
Indien de uitkeringsgerechtigde in het jaar onmiddellijk voorafgaande aan de datum van opkomst in militaire dienst zowel de in de paragraaf 1 of in paragraaf 2 als de in paragraaf 3 van deze beschikking bedoelde arbeid heeft verricht, wordt het dagloon als volgt vastgesteld:
a. vastgesteld wordt gedurende welke tijdvakken in het in de aanhef van dit artikel bedoelde jaar hij de in de aanhef van dit artikel bedoelde arbeid heeft verricht;
b. vastgesteld worden de daglonen die zouden zijn berekend op grond van paragraaf 1 of 2 en op grond van paragraaf 3, indien welk van de onder a bedoelde tijdvakken afzonderlijk zouden worden beschouwd;
c. de onder b bedoelde daglonen worden vermenigvuldigd met het aantal dagen in het betrokken tijdvak waarop die arbeid is verricht. De uitkomsten van deze vermenigvuldigingen worden bij elkaar geteld;
d. het onder c verkregen resultaat wordt gedeeld door het totaal aantal dagen waarop arbeid is verricht in het in de aanhef van dit artikel bedoelde jaar. De aldus verkregen uitkomst wordt als dagloon van de uitkeringsgerechtigde aangemerkt.