Art. 4:205 BW, Vereffening van de nalatenschap
Burgerlijk Wetboek Boek 4 (BW4)
Wanneer een schuldeiser van een erfgenaam die de nalatenschap verworpen heeft, hierdoor klaarblijkelijk is benadeeld, kan de rechtbank op zijn verzoek bepalen dat de nalatenschap mede in het belang van de schuldeisers van degene die verworpen heeft zal worden vereffend, en kan zij zo nodig een vereffenaar benoemen.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Conclusie A-G Wesseling-van Gent 4 juni 2021, ECLI:NL:PHR:2021:556
- Rb. Midden-Nederland 19 december 2014, ECLI:NL:RBMNE:2014:7034
- Conclusie A-G De Vries Lentsch-Kostense 13 november 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BJ7540
- Hof Arnhem-Leeuwarden 1 oktober 2015, ECLI:NL:GHARL:2015:7355
- Rb. Rotterdam 3 november 2017, ECLI:NL:RBROT:2017:8901
- Rb. Rotterdam 3 november 2017, ECLI:NL:RBROT:2017:8899
- Rb. Den Haag 9 april 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:9584
- Rb. Den Haag 10 maart 2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:3874
- Conclusie A-G Harteveld 3 januari 2017, ECLI:NL:PHR:2017:34
- Hof Arnhem-Leeuwarden 17 maart 2015, ECLI:NL:GHARL:2015:1935