Art. 72 Overgangswet NBW, Algemene overgangsbepalingen in verband met de Boeken 3-10
Overgangswet nieuw Burgerlijk Wetboek (Overgangswet NBW)
1. Indien de wet een verjarings- of vervaltermijn op korter dan een jaar stelt, en die termijn overeenkomstig het in de wet bepaalde vóór het tijdstip van haar in werking treden zou aanvangen, dan wordt deze aanvang verschoven naar het tijdstip van het in werking treden van de wet.
2. Strekt de termijn tot vervanging van een termijn die door het tevoren geldende recht werd gesteld, dan eindigt de nieuwe termijn uiterlijk op het tijdstip waarop de vervangen termijn zou zijn voltooid.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Rb. Gelderland 24 mei 2023, ECLI:NL:RBGEL:2023:2966
- Rb. Rotterdam 20 april 2011, ECLI:NL:RBROT:2011:BQ6197
- Rb. Den Haag 2 januari 2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:286
- Rb. Den Haag 21 november 2018, ECLI:NL:RBDHA:2018:14171
- Conclusie A-G De Vries Lentsch-Kostense 25 september 2015, ECLI:NL:PHR:2015:2007
- Rb. Noord-Nederland 3 november 2015, ECLI:NL:RBNNE:2015:5053
- Rb. Amsterdam 15 maart 2022, ECLI:NL:RBAMS:2022:1509