Art. 128 Overgangswet NBW, Overgangsbepalingen in verband met Boek 4
Overgangswet nieuw Burgerlijk Wetboek (Overgangswet NBW)
1. Is de nalatenschap voor het in werking treden van de wet opengevallen, dan kan een legitimaris zijn bevoegdheden uitsluitend overeenkomstig het tevoren geldende recht uitoefenen.
2. Degene die tot aan het tijdstip van het in werking treden van de wet volgens het tevoren geldende recht zijn bevoegdheden als legitimaris kon uitoefenen, behoudt die bevoegdheden gedurende een jaar nadien, indien de erflater ten minste vier jaren vóór dat tijdstip is overleden. Is de nalatenschap later, doch vóór het in werking treden van de wet opengevallen, dan behoudt de legitimaris zijn bevoegdheden totdat sedert het overlijden van de erflater vijf jaren zijn verstreken.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Hof Arnhem-Leeuwarden 18 oktober 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:8298
- Rb. Amsterdam 2 augustus 2017, ECLI:NL:RBAMS:2017:5873
- Conclusie A-G De Vries Lentsch-Kostense 11 maart 2016, ECLI:NL:PHR:2016:114
- HR 17 april 2026, ECLI:NL:HR:2026:669
- Hof Den Haag 21 januari 2025, ECLI:NL:GHDHA:2025:956
- Rb. Zutphen 15 augustus 2007, ECLI:NL:RBZUT:2007:BB5746
- Rb. Zutphen 6 december 2006, ECLI:NL:RBZUT:2006:AZ6054
- Rb. Rotterdam 2 oktober 2013, ECLI:NL:RBROT:2013:8006
- Rb. Rotterdam 8 juli 2009, ECLI:NL:RBROT:2009:BJ9037
- Rb. Haarlem 16 december 2009, ECLI:NL:RBHAA:2009:BK7178
- Rb. Den Haag 8 oktober 2014, ECLI:NL:RBDHA:2014:16980
- Rb. Assen 25 juli 2007, ECLI:NL:RBASS:2007:BB1062
- Conclusie A-G Koopman 11 juli 2025, ECLI:NL:PHR:2025:785
- Hof 's-Gravenhage 10 april 2012, ECLI:NL:GHSGR:2012:BW3595
- Hof Den Haag 21 februari 2017, ECLI:NL:GHDHA:2017:580
- Hof Arnhem 16 januari 2007, ECLI:NL:GHARN:2007:AZ7020
- Hof Amsterdam 30 maart 2021, ECLI:NL:GHAMS:2021:889
- Hof Amsterdam 27 september 2016, ECLI:NL:GHAMS:2016:3895