Art. 12 BRK, Belastingen naar inkomen en vermogen
Belastingregeling voor het Koninkrijk (BRK)
1. Voordelen genoten door een natuurlijke persoon die inwoner is van een van de landen, uit vervreemding van aandelen in of winstbewijzen van een lichaam dat inwoner is van een van de andere landen, mogen worden belast in eerstbedoeld land.
2. Het bepaalde in het eerste lid tast niet aan het recht van elk van de landen overeenkomstig zijn eigen wetgeving belasting te heffen op voordelen die voortvloeien uit de vervreemding van aandelen in of winstbewijzen van een lichaam dat inwoner is van dat land, welke zijn genoten door een natuurlijke persoon die inwoner is van een van de andere landen en in de loop van de laatste vijf jaren, al dan niet te zamen met zijn echtgenoot en zijn bloed- en aanverwanten in de rechte linie en in de tweede graad der zijlinie, voor meer dan een vierde gedeelte, en, al dan niet te zamen met zijn echtgenoot, voor meer dan een twintigste gedeelte van het nominaal gestorte kapitaal van het lichaam onmiddellijk of middellijk aandeelhouder is geweest.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 24 oktober 2003, ECLI:NL:HR:2003:AF7557
- Conclusie A-G Wattel 19 juni 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BC5201
- Conclusie A-G Wattel 20 februari 2009, ECLI:NL:PHR:2009:AZ2238
- Conclusie A-G Wattel 20 februari 2009, ECLI:NL:PHR:2009:AZ2232
- Conclusie A-G Wattel 20 februari 2009, ECLI:NL:PHR:2009:AZ2230
- Hof 's-Hertogenbosch 14 maart 2008, ECLI:NL:GHSHE:2008:BD1423
- Hof 's-Gravenhage 2 november 2004, ECLI:NL:GHSGR:2004:AR7402
- Hof Arnhem 7 november 2006, ECLI:NL:GHARN:2006:AZ2709