Art. 6 Zuiderzeesteunbesluit 1963, Vergoeding van waardevermindering

Zuiderzeesteunbesluit 1963

Behoudens de in deze titel gestelde beperkingen betreft de vergoeding vissersvaartuigen en netwerk, die voor de belanghebbende of voor de zoon van een belanghebbende als bedoeld in het eerste lid van artikel 4 van dit besluit, overbodig zijn geworden bij de opheffing van zijn bedrijf, voor zover deze goederen in 1950, 1951 of 1952 zijn eigendom waren en werden gebezigd voor de uitoefening van het IJsselmeervisserijbedrijf, waarvoor hem een visvergunning was verleend.