Art. 56 WVO, Niet uit de openbare kas bekostigd bijzonder schoolonderwijs
Wet op het voortgezet onderwijs (WVO)
1. Onze Minister kan de school, die ten aanzien van de duur van de cursus, de opdracht tot actief burgerschap en sociale cohesie, het schoolplan en de bevoegdheden van de leraren overeenkomt met een school voor voorbereidend wetenschappelijk onderwijs, voor hoger algemeen voortgezet onderwijs, voor middelbaar algemeen voortgezet onderwijs of voor voorbereidend beroepsonderwijs, als bedoeld in artikel 29, eerste lid, aanwijzen als bevoegd om aan de leerlingen op grond van het met gunstig gevolg afleggen van een eindexamen aan de school het diploma uit te reiken, bedoeld in het derde lid van dat artikel.
1a. Artikel 29, leden 1a en 1b, zijn van overeenkomstige toepassing op de bevoegdheid het eindexamen af te nemen, bedoeld in het eerste lid.
2. Artikel 29, tweede en vierde lid, is op dit eindexamen van toepassing.
3. Onze Minister besluit binnen zes maanden na ontvangst van een aanvraag.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- ABRvS 15 augustus 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BX4694
- ABRvS 22 februari 2017, ECLI:NL:RVS:2017:471
- ABRvS 17 april 2019, ECLI:NL:RVS:2019:1204
- ABRvS 15 augustus 2012, ECLI:NL:RVS:2012:BX4695
- ABRvS 20 juli 2011, ECLI:NL:RVS:2011:BR2291
- Rb. Zeeland-West-Brabant 21 oktober 2021, ECLI:NL:RBZWB:2021:5316
- Hof Arnhem 8 september 2008, ECLI:NL:GHARN:2008:BF0496
- Rb. 's-Gravenhage 5 augustus 2009, ECLI:NL:RBSGR:2009:BM6346
- Rb. Midden-Nederland 20 april 2022, ECLI:NL:RBMNE:2022:1548
- Rb. Midden-Nederland 10 augustus 2021, ECLI:NL:RBMNE:2021:3776
- Rb. Haarlem 6 augustus 2010, ECLI:NL:RBHAA:2010:BN3468
- Hof 's-Hertogenbosch 1 februari 2018, ECLI:NL:GHSHE:2018:382