Art. 14a Waterleidingwet, Het toezicht op waterleidingbedrijven in het belang der volksgezondheid

Waterleidingwet

1. De eigenaar van een waterleidingbedrijf is gehouden maatregelen te treffen, die de instandhouding van de openbare drinkwatervoorziening in buitengewone omstandigheden zoveel mogelijk waarborgen.

2. Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld.

3. Onze Minister kan ontheffing verlenen van de krachtens het tweede lid gestelde regels.

4. Een algemene maatregel van bestuur als in het eerste lid bedoeld treedt niet eerder in werking dan een maand na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin hij is geplaatst. Van de plaatsing wordt onverwijld aan de Staten-Generaal mededeling gedaan.