Art. 13 BEKENDMAKING TEKST VAN STATUTEN EN PENSIOENREGLEMENT VAN DE STICHTING: NOTARIEEL PENSIOENFONDS, Pensioenreglement van de stichting: notarieel pensioenfonds

BEKENDMAKING TEKST VAN STATUTEN EN PENSIOENREGLEMENT VAN DE STICHTING: NOTARIEEL PENSIOENFONDS

1. Het pensioen van de weduwe van een gepensionneerde gewezen deelnemer bedraagt de helft van zijn laatstgenoten pensioen.

2. Het pensioen van de weduwe van een nog niet gepensionneerde gewezen deelnemer bedraagt de helft van het ouderdomspensioen, dat hem bij het bereiken van de 70-jarige leeftijd zou zijn toegekomen. Heeft de weduwe tijdelijk pensioen genoten gedurende een periode, onmiddellijk voorafgaande aan de periode, waarin weduwepensioen wordt genoten, dan kan het weduwepensioen niet lager zijn dan het tijdelijk pensioen.

3. Het pensioen van de weduwe van een deelnemer bedraagt de helft van het ouderdomspensioen, waarop de overleden deelnemer overeenkomstig artikel 6 recht zou hebben verkregen, indien hij van de datum van zijn overlijden af tot het ogenblik, waarop hem wegens het bereiken van de 70-jarige leeftijd ontslag zou zijn verleend, onafgebroken deelnemer zou zijn gebleven, met dien verstande, dat daarbij diensttijd, na de 42ste verjaardag volbracht, steeds voor diensttijd als notaris geldt.

4. Indien een vrouw met meer dan één deelnemer gehuwd is geweest en aan het deelnemerschap van meer dan één hunner recht op pensioen ontleent, zal haar weduwepensioen niet meer bedragen dan het hoogste bedrag, waarop zij als weduwe van één hunner aanspraak kan maken.