Art. 6:6:9 Sv, Rechterlijke beslissingen inzake de tenuitvoerlegging
Wetboek van Strafvordering (Sv)
1. Zo spoedig mogelijk na ontvangst van een tijdig ingediend bezwaarschrift onderzoekt de rechtbank of het openbaar ministerie bij afweging van de betrokken belangen in redelijkheid tot zijn beslissing heeft kunnen komen.
2. Hangende de beslissing van de rechtbank op het bezwaarschrift wordt de veroordeelde niet voorwaardelijk in vrijheid gesteld.
3. Acht de rechtbank het bezwaarschrift gegrond, dan bepaalt zij het tijdstip waarop de veroordeelde voorwaardelijk in vrijheid wordt gesteld. De rechtbank kan daarbij adviseren omtrent de te stellen bijzondere voorwaarden.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Conclusie A-G Vegter 2 maart 2021, ECLI:NL:PHR:2021:194
- Conclusie A-G Snijders 31 mei 2024, ECLI:NL:PHR:2024:582
- Conclusie A-G Snijders 3 maart 2023, ECLI:NL:PHR:2023:255
- Rb. Den Haag 21 oktober 2021, ECLI:NL:RBDHA:2021:11856
- Conclusie A-G van Wees 16 januari 2024, ECLI:NL:PHR:2024:61
- Hof Den Haag 1 maart 2022, ECLI:NL:GHDHA:2022:331
- Rb. Zeeland-West-Brabant 10 april 2026, ECLI:NL:RBZWB:2026:8122
- Rb. Rotterdam 23 februari 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:2566
- Rb. Rotterdam 21 januari 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:1616
- Rb. Rotterdam 13 augustus 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:10549
- Rb. Rotterdam 9 mei 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:6340
- Rb. Rotterdam 7 maart 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:3362
- Rb. Rotterdam 7 maart 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:3361
- Rb. Rotterdam 10 januari 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:2113
- Rb. Rotterdam 24 januari 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:1533
- Rb. Rotterdam 24 januari 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:1532
- Rb. Rotterdam 28 november 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:14745
- Rb. Rotterdam 31 juli 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:10039
- Rb. Rotterdam 6 augustus 2024, ECLI:NL:RBROT:2024:8083
- Rb. Rotterdam 24 april 2024, ECLI:NL:RBROT:2024:3974