Art. 5.1.4 Sv, (inwilliging van een verzoek tot rechtshulp)
Wetboek van Strafvordering (Sv)
1. Tenzij Onze Minister van Veiligheid en Justitie aanstonds van oordeel is dat het verzoek om rechtshulp van een vreemde staat niet kan worden ingewilligd, stelt hij het verzoek en de daarbij behorende stukken in handen van de officier van justitie.
2. Voor zover het verzoek om rechtshulp van een vreemde staat is gegrond op een verdrag wordt daaraan zoveel mogelijk het verlangde gevolg gegeven.
3. In gevallen waarin het betreft een verzoek dat niet op een verdrag is gegrond, alsmede in gevallen waarin het toepasselijke verdrag niet tot inwilliging verplicht, kan een verzoek om rechtshulp van een bevoegde autoriteit van een vreemde staat worden ingewilligd indien de inwilliging niet in strijd is met een wettelijk voorschrift of dient te worden geweigerd in het kader van het algemeen belang.
4. Wanneer een verdrag voorziet in rechtstreekse toezending van verzoeken aan justitiële autoriteiten, is de officier van justitie in het arrondissement waarin de in het verzoek gevraagde handeling moet worden verricht, dan wel een officier van justitie bij het landelijk parket of bij het functioneel parket, zelfstandig bevoegd tot inwilliging van het verzoek, tenzij de inwilliging op grond van artikel 5.1.5 een beslissing van Onze Minister van Veiligheid en Justitie verlangt. Indien het verzoek niet tot die officier van justitie is gericht, wordt het door de geadresseerde onverwijld aan hem doorgezonden.
5. Indien het verzoek niet kan worden ingewilligd, worden de autoriteiten van de verzoekende staat daarvan zo spoedig mogelijk op de hoogte gesteld. In geval het verzoek niet kan worden ingewilligd omdat het onvolledig is, wordt de autoriteiten van de verzoekende staat eerst in de gelegenheid gesteld om het verzoek aan te vullen.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Conclusie A-G Knigge 28 januari 2020, ECLI:NL:PHR:2020:58
- Rb. Amsterdam 11 oktober 2023, ECLI:NL:RBAMS:2023:7391
- Conclusie A-G van Wees 9 december 2025, ECLI:NL:PHR:2025:1349
- HR 28 mei 2024, ECLI:NL:HR:2024:772
- HR 7 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:622
- Rb. Rotterdam 14 februari 2025, ECLI:NL:RBROT:2025:4156
- Rb. Amsterdam 30 juli 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:7779
- Rb. Amsterdam 15 oktober 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:8314
- Rb. Amsterdam 9 oktober 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:7657
- Rb. Amsterdam 31 juli 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:5993
- Rb. Amsterdam 5 juni 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:5282
- Rb. Amsterdam 5 juni 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:5279
- Rb. Amsterdam 5 juni 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:4599
- Rb. Amsterdam 5 juni 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:4598
- Rb. Amsterdam 5 juni 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:4597
- Rb. Amsterdam 6 februari 2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:1177
- Rb. Amsterdam 24 juli 2024, ECLI:NL:RBAMS:2024:4640
- Rb. Amsterdam 5 juni 2024, ECLI:NL:RBAMS:2024:3748
- Rb. Amsterdam 5 juni 2024, ECLI:NL:RBAMS:2024:3747
- Rb. Amsterdam 14 november 2023, ECLI:NL:RBAMS:2023:7725