Art. 374 Sv, Bijzondere bepalingen voor het rechtsgeding voor de politierechter
Wetboek van Strafvordering (Sv)
1. Tenzij de ter terechtzitting verschenen verdachte of zijn aldaar aanwezige raadsman voorlezing of mededeling van de korte inhoud van bepaald aangeduide stukken verlangt, kan de politierechter in plaats van de voorlezing van de processen-verbaal, de verslagen van deskundigen of andere stukken vermeld in artikel 301, gelasten dat in het proces-verbaal van de terechtzitting wordt aangetekend dat die stukken zijn overgelegd; daarop mag ook ten bezware van de verdachte acht worden geslagen.
2. De politierechter die tegen de niet verschenen verdachte verstek heeft verleend, kan afzien van het afzonderlijk melding maken van de in het eerste lid bedoelde stukken, dan wel afzien van het geven van de in het eerste lid bedoelde last.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Gerecht in eerste aanleg van Curaçao 26 maart 2021, ECLI:NL:OGEAC:2021:51
- Gemeenschappelijk Hof van Justitie van de Nederlandse Antillen en Aruba 3 juni 2010, ECLI:NL:OGHNAA:2010:BM9554
- Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 23 oktober 2024, ECLI:NL:OGHACMB:2024:365
- Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 21 december 2023, ECLI:NL:OGHACMB:2023:342
- Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 14 december 2023, ECLI:NL:OGHACMB:2023:341
- Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 29 november 2022, ECLI:NL:OGHACMB:2022:151
- Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 9 februari 2021, ECLI:NL:OGHACMB:2021:101
- Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 4 juni 2019, ECLI:NL:OGHACMB:2019:255
- Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 16 april 2013, ECLI:NL:OGHACMB:2013:BZ7934
- Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 15 november 2012, ECLI:NL:OGHACMB:2012:BY4290
- Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 12 juli 2012, ECLI:NL:OGHACMB:2012:BX7042
- Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba 3 maart 2011, ECLI:NL:OGHACMB:2011:BQ0601
- Gerecht in eerste aanleg van Curaçao 12 januari 2026, ECLI:NL:OGEAC:2026:4
- Gerecht in eerste aanleg van Curaçao 23 oktober 2024, ECLI:NL:OGEAC:2024:313
- Gerecht in eerste aanleg van Curaçao 23 oktober 2024, ECLI:NL:OGEAC:2024:312
- Gerecht in eerste aanleg van Curaçao 23 oktober 2024, ECLI:NL:OGEAC:2024:311
- Gerecht in eerste aanleg van Curaçao 23 november 2022, ECLI:NL:OGEAC:2022:371
- Gerecht in eerste aanleg van Curaçao 29 juli 2020, ECLI:NL:OGEAC:2020:245
- Gerecht in eerste aanleg van Curaçao 14 juni 2019, ECLI:NL:OGEAC:2019:369
- Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba 25 mei 2018, ECLI:NL:OGEAA:2018:470