Art. 43 PHW, Van particuliere banken van leening
1. De houder van een bank van leening, wiens toelating is ingetrokken, kan gedurende zes maanden na de eerste bekendmaking het bedrijf voortzetten uitsluitend voor de lossing der panden.
2. Indien de houder van de bank weigert mede te werken tot lossing van de panden, doen Burgemeester en Wethouders alle panden in beslag nemen en aan de houders van de pandbewijzen tegen vergoeding van voor het beslag gemaakte kosten terug geven.