Art. 216 Fw, Van de verlening van surseance van betaling en haar gevolgen
De griffier doet van de indiening van het verzoek, van de voorlopige verlening van surseance en het tijdstip daarvan tot op de minuut nauwkeurig, van de naam van de rechter-commissaris, van de namen en woonplaatsen der benoemde bewindvoerders en van de overeenkomstig het tweede lid van het voorgaande artikel bepaalde dag onmiddellijk aankondiging in de Staatscourant. Indien bij het verzoekschrift een ontwerp van akkoord is gevoegd, wordt daarvan in de aankondiging melding gemaakt.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Rb. Overijssel 30 november 2015, ECLI:NL:RBOVE:2015:5270
- Rb. Overijssel 19 augustus 2014, ECLI:NL:RBOVE:2014:4380
- Rb. Overijssel 18 augustus 2014, ECLI:NL:RBOVE:2014:4379
- Rb. Noord-Nederland 8 augustus 2024, ECLI:NL:RBNNE:2024:3080
- Rb. Den Haag 4 januari 2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:45
- Rb. Den Haag 4 januari 2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:40
- Rb. Arnhem 3 maart 2008, ECLI:NL:RBARN:2008:BC5590
- Rb. Almelo 31 maart 1999, ECLI:NL:RBALM:1999:AF0040