Art. 320 Sr, Afpersing en afdreiging
Bij veroordeling wegens een der in deze titel omschreven misdrijven, kan ontzetting van de in artikel 28, eerste lid, onder 1°, 2° en 4°, vermelde rechten worden uitgesproken.
Bij veroordeling wegens een der in deze titel omschreven misdrijven, kan ontzetting van de in artikel 28, eerste lid, onder 1°, 2° en 4°, vermelde rechten worden uitgesproken.