Art. 316 Sr, Diefstal en stroperij
1. Indien de dader van of medeplichtige aan een der in deze titel omschreven misdrijven de niet van tafel en bed of van goederen gescheiden echtgenoot is van hem tegen wie het misdrijf is gepleegd, is de strafvervolging tegen die dader of die medeplichtige uitgesloten.
2. Indien hij zijn van tafel en bed of van goederen gescheiden echtgenoot is of zijn bloed- of aanverwant, hetzij in de rechte linie, hetzij in de tweede graad van de zijlinie, heeft de vervolging, voor zover hem betreft, alleen plaats op een tegen hem gerichte klacht van degene tegen wie het misdrijf is gepleegd.
3. Indien het vorige lid van toepassing is, neemt de termijn bedoeld in artikel 66 een aanvang op de dag nadat de identiteit van de verdachte aan de tot de klacht gerechtigde bekend werd.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- HR 1 juli 2014, ECLI:NL:HR:2014:1574
- HR 1 november 2005, ECLI:NL:HR:2005:AT7587
- Rb. Den Haag 28 oktober 2019, ECLI:NL:RBDHA:2019:11153
- Conclusie A-G Knigge 12 juli 2011, ECLI:NL:PHR:2011:BQ5725
- HR 29 september 2015, ECLI:NL:HR:2015:2872
- HR 12 juli 2011, ECLI:NL:HR:2011:BQ5725
- Hof 's-Hertogenbosch 2 december 2022, ECLI:NL:GHSHE:2022:4737
- Hof 's-Hertogenbosch 15 februari 2019, ECLI:NL:GHSHE:2019:558
- Rb. Zeeland-West-Brabant 28 november 2025, ECLI:NL:RBZWB:2025:8401
- Rb. Zutphen 8 mei 2012, ECLI:NL:RBZUT:2012:BW5173
- Rb. Zutphen 12 juli 2011, ECLI:NL:RBZUT:2011:BR1336
- Rb. Zutphen 15 juli 2009, ECLI:NL:RBZUT:2009:BJ2941
- Rb. Zwolle-Lelystad 29 september 2009, ECLI:NL:RBZLY:2009:BK2203
- Rb. Zwolle-Lelystad 29 juli 2004, ECLI:NL:RBZLY:2004:AS8869
- Rb. Utrecht 10 april 2012, ECLI:NL:RBUTR:2012:BW3453
- Rb. Utrecht 30 mei 2011, ECLI:NL:RBUTR:2011:BR1243
- Rb. Utrecht 29 april 2009, ECLI:NL:RBUTR:2009:BI2989
- Rb. Utrecht 31 januari 2008, ECLI:NL:RBUTR:2008:BC7528
- Rb. Rotterdam 23 februari 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:2017
- Rb. Roermond 9 december 2010, ECLI:NL:RBROE:2010:BO6895