Art. 109 Sr, Misdrijven tegen de koninklijke waardigheid

Wetboek van Strafrecht (Sr)

Elke feitelijke aanranding van de persoon van de Koning die niet valt in een zwaardere strafbepaling wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zeven jaren en zes maanden of geldboete van de vijfde categorie.

Uitspraken die dit artikel aanhalen