Art. 50 RO, De rechtbanken
Wet op de rechterlijke organisatie (RO)
1. Het bestuur vormt voor het behandelen en beslissen van zaken waarvoor in verband met onverwijlde spoed een voorziening wordt gevraagd enkelvoudige kamers en bepaalt de bezetting daarvan. Deze kamers kunnen ook andere bij de wet aan hen toebedeelde zaken behandelen en beslissen.
2. Degene die zitting heeft in een enkelvoudige kamer als bedoeld in het eerste lid draagt de titel van voorzieningenrechter.
3. In kort geding als bedoeld in het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering draagt de voorzieningenrechter ter terechtzitting de aanspreektitel van president in kort geding.
Uitspraken die dit artikel aanhalen
- Conclusie A-G van Peursem 31 augustus 2018, ECLI:NL:PHR:2018:957
- Rb. Breda 5 juli 2011, ECLI:NL:RBBRE:2011:BR0241
- Conclusie A-G Wesseling-van Gent 26 april 2013, ECLI:NL:PHR:2013:BZ9958
- Conclusie A-G Knigge 7 juli 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BI3413
- Rb. 's-Hertogenbosch 1 december 2009, ECLI:NL:RBSHE:2009:BL4924
- Rb. Oost-Brabant 8 juli 2021, ECLI:NL:RBOBR:2021:3701
- Rb. Arnhem 7 september 2009, ECLI:NL:RBARN:2009:BJ8534
- Rb. Amsterdam 12 augustus 2009, ECLI:NL:RBAMS:2009:BK4753
- Conclusie A-G Huydecoper 8 februari 2013, ECLI:NL:PHR:2013:BY4889
- Conclusie A-G Knigge 8 september 2009, ECLI:NL:PHR:2009:BI3877
- Hof Leeuwarden 6 september 2011, ECLI:NL:GHLEE:2011:BR6832
- Hof Arnhem-Leeuwarden 29 maart 2022, ECLI:NL:GHARL:2022:2459
- Hof Arnhem-Leeuwarden 18 maart 2014, ECLI:NL:GHARL:2014:2199
- CRvB 29 maart 2002, ECLI:NL:CRVB:2002:AE2333