Art. 17 Verordening (EU) 2024/900, Toezending van informatie aan andere belanghebbende entiteit

Verordening (EU) 2024/900

1. Op verzoek van belanghebbende entiteiten zenden aanbieders van politieke reclamediensten die entiteiten de informatie waarover die aanbieders van politieke reclamediensten op grond van de artikelen 9, 11 en 12 moeten beschikken, onverwijld, kosteloos en indien technisch mogelijk in een machineleesbaar formaat toe.

2. Belanghebbende entiteiten die op grond van lid 1 om toezending van informatie verzoeken, mogen geen commerciële belangen hebben en behoren tot een of meer van de volgende categorieën:

a) erkende onderzoekers overeenkomstig artikel 40, lid 8, van Verordening (EU) 2022/2065;

b) leden van een krachtens het nationale recht of het recht van de Unie gemachtigde maatschappelijke organisatie waarvan de statutaire doelstellingen de bescherming en bevordering van het algemeen belang zijn;

c) politieke actoren;

d) in een lidstaat erkende nationale of internationale verkiezingswaarnemers; of

e) journalisten.

3. Na een verzoek van een belanghebbende entiteit stelt de aanbieder van politieke reclamediensten alles in het werk om de gevraagde informatie of een met redenen omklede reactie als bedoeld in lid 5 zo spoedig mogelijk en uiterlijk binnen een maand te verstrekken.

4. Bij de voorbereiding van de op grond van lid 1 te verstrekken informatie mag de aanbieder van politieke reclamediensten de desbetreffende bedragen samenvoegen of met een zekere marge aanduiden, voor zover dat nodig is om zijn rechtmatige handelsbelangen te beschermen.

5. Wanneer verzoeken uit hoofde van lid 1 kennelijk onduidelijk of buitensporig zijn of informatie betreffen waarover de aanbieder van politieke reclamediensten niet beschikt, kan die aanbieder weigeren de gevraagde informatie te verstrekken. In dergelijke gevallen stuurt de aanbieder van politieke reclamediensten een met redenen omkleed antwoord naar de belanghebbende entiteit die het verzoek heeft gedaan, met informatie over de verhaalmogelijkheden, waaronder, indien van toepassing, die uit hoofde van Richtlijn (EU) 2020/1828.

6. Wanneer de verwerking van de verzoeken uit hoofde van lid 1 aanzienlijke kosten met zich meebrengt, kan de aanbieder van politieke reclamediensten een redelijke en evenredige vergoeding in rekening brengen, die in geen geval hoger mag zijn dan de administratieve kosten voor het verstrekken van de gevraagde informatie.

7. Het is aan de aanbieders van politieke reclamediensten om aan te tonen dat een verzoek kennelijk onduidelijk of buitensporig is of informatie betreft waarover zij niet beschikken, of dat verzoeken aanzienlijke verwerkingskosten met zich meebrengen.

Vorige artikelen

Volgende artikelen