Art. 34 Verordening (EU) 2022/123, Vertrouwelijkheid
1. Tenzij anders bepaald in deze verordening en onverminderd Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad (19) en Richtlijn (EU) 2019/1937 van het Europees Parlement en de Raad (20) en de bestaande nationale bepalingen en praktijken in de lidstaten betreffende vertrouwelijkheid, eerbiedigen alle bij de toepassing van deze verordening betrokken partijen de vertrouwelijkheid van de bij de uitvoering van hun taken verkregen informatie en gegevens, ter bescherming van de commercieel vertrouwelijke informatie en handelsgeheimen van natuurlijke of rechtspersonen in overeenstemming met Richtlijn (EU) 2016/943 van het Europees Parlement en de Raad (21), waaronder intellectuele-eigendomsrechten.
2. Onverminderd het bepaalde in lid 1 zorgen alle bij de toepassing van deze verordening betrokken partijen ervoor dat geen commercieel vertrouwelijke informatie wordt gedeeld op een wijze die ondernemingen in staat stelt de mededinging te beperken of te vervalsen in de zin van artikel 101 VWEU.
3. Onverminderd lid 1 wordt informatie die op basis van vertrouwelijkheid wordt uitgewisseld tussen nationale bevoegde autoriteiten onderling en tussen nationale bevoegde autoriteiten en de Commissie en het Bureau niet openbaar gemaakt zonder voorafgaand akkoord van de autoriteit waarvan die informatie afkomstig is.
4. De leden 1, 2 en 3 laten de rechten en verplichtingen van de Commissie, het Bureau, de lidstaten of andere in deze verordening vastgestelde actoren met betrekking tot de uitwisseling van informatie en de verspreiding van waarschuwingen onverlet, en doen evenmin afbreuk aan de verplichtingen van de betrokken personen om in het kader van het strafrecht informatie te verstrekken.
5. De Commissie, het Bureau, en de lidstaten mogen commercieel vertrouwelijke informatie uitwisselen met regelgevende autoriteiten van derde landen waarmee zij bilaterale of multilaterale vertrouwelijkheidsregelingen hebben getroffen.