Art. 27 Verordening (EU) 2021/1060, Overdracht van middelen uit het EFRO en het ESF+ naar het JTF
1. De lidstaten kunnen er op vrijwillige basis om verzoeken dat de middelen die overeenkomstig artikel 3 van de JTF-verordening voor het JTF beschikbaar zijn in het kader van de doelstelling “investeren in werkgelegenheid en groei”, worden aangevuld met middelen uit het EFRO, het ESF+ of een combinatie daarvan, van de regiocategorie waarin het betrokken gebied zich bevindt. Het totaal van de naar het JTF overgedragen middelen van het EFRO en het ESF+ bedraagt niet meer dan driemaal het bedrag van de in artikel 110, lid 1, punt g), bedoelde toewijzing uit het JTF. De uit het EFRO of het ESF+ overgedragen middelen bedragen niet meer dan 15 % van de respectieve toewijzingen uit het EFRO en het ESF+ aan de betrokken lidstaat. De lidstaten vermelden in die verzoeken welk totaalbedrag voor elk jaar per regiocategorie wordt overgedragen.
2. De respectieve overdrachten uit de EFRO- en de ESF+-middelen naar de door de JTF-verordening ondersteunde prioriteit(en) weerspiegelen de interventietypes overeenkomstig de informatie die op grond van artikel 22, lid 3, punt d), ix), in het programma is vermeld. Deze overdrachten worden als definitief beschouwd.
3. De JTF-middelen, met inbegrip van de middelen die uit het EFRO en het ESF+ zijn overgedragen, worden uitgevoerd overeenkomstig de voorschriften van deze verordening en van de JTF-verordening. De voorschriften van de EFRO- en CF-verordening en van de ESF+-verordening zijn niet van toepassing op de overeenkomstig lid 1 overgedragen middelen uit het EFRO en het ESF+.