Art. 106 Verordening (EU) 2021/1060, Uitzonderingen op de regels voor vrijmaking
1. De vrijmaking wordt verlaagd met de bedragen in de begrotingsvastlegging waarvoor:
a) de concrete acties zijn geschorst door een gerechtelijke procedure of een administratief beroep met schorsende werking, of
b) er geen betalingsaanvraag kon worden ingediend wegens overmacht, voor zover die ernstige gevolgen had voor de uitvoering van het programma of een deel daarvan.
Nationale autoriteiten die zich op overmacht beroepen, tonen de rechtstreekse gevolgen van de overmacht voor de uitvoering van het programma of een deel daarvan aan.
2. De lidstaten sturen de Commissie uiterlijk 31 januari informatie over de in lid 1, eerste alinea, punten a) en b), bedoelde uitzonderingen die van toepassing zijn op de bedragen die uiterlijk 31 december van het voorafgaande jaar moesten worden gedeclareerd.