Art. 105 Verordening (EU) 2021/1060, Beginselen en regels voor vrijmaking

Verordening (EU) 2021/1060

1. Het bedrag van een programma dat op 31 december van het derde kalenderjaar na het jaar van de vastleggingen in de begroting voor de jaren 2021 tot en met 2026 niet is gebruikt voor voorfinanciering, overeenkomstig artikel 90, of waarvoor op diezelfde datum geen betalingsaanvraag, overeenkomstig artikel 91 of 92, is ingediend, wordt door de Commissie vrijgemaakt.

2. Het deel van de vastleggingen dat op 31 december 2029 nog openstaat, wordt vrijgemaakt indien het zekerheidspakket en het eindverslag over de prestaties voor door het EFRO, het ESF+, het Cohesiefonds, het JTF en het EFMZVA, ondersteunde programma’s niet binnen de in artikel 43, lid 1, bepaalde termijn bij de Commissie zijn ingediend.

Vorige artikelen

Volgende artikelen