Art. 37 Verordening (EU) 2019/942, Fraudebestrijding
1. Om de bestrijding van fraude, corruptie en andere illegale handelingen als bedoeld in Verordening (EU, Euratom) nr. 883/2013 van het Europees Parlement en de Raad (23) te bevorderen, treedt ACER toe tot het Interinstitutioneel Akkoord van 25 mei 1999 betreffende de interne onderzoeken verricht door OLAF (24) en stelt het de geschikte, voor zijn werknemers geldende bepalingen vast volgens het model van de bijlage bij dat akkoord.
2. De Europese Rekenkamer is bevoegd voor het uitvoeren van audits ter plaatse en audits op basis van documenten, ten aanzien van alle begunstigden van subsidies, contractanten en subcontractanten die van ACER middelen van de Unie hebben ontvangen.
3. OLAF kan overeenkomstig de bepalingen en procedures van Verordening (EU, Euratom) nr. 883/2013 en Verordening (Euratom, EG) nr. 2185/96 van de Raad (25) onderzoeken verrichten, waaronder controles en inspecties ter plaatse, om vast te stellen of er sprake is van fraude, corruptie of andere onwettige activiteiten waardoor de financiële belangen van de Unie worden geschaad in verband met een subsidie of een door ACER gefinancierde overeenkomst.
4. Onverminderd de leden 1, 2 en 3 omvatten de samenwerkingsovereenkomsten met derde landen en internationale organisaties, de contracten, de subsidieovereenkomsten en de subsidiebesluiten van ACER bepalingen die de Europese Rekenkamer en OLAF uitdrukkelijk de bevoegdheid verlenen de in dit artikel bedoelde controles en onderzoeken te verrichten overeenkomstig hun respectieve bevoegdheden.