Art. 3 Verordening (EU) 2019/942, Algemene taken
1. ACER mag op verzoek van het Europees Parlement, de Raad of de Commissie of op eigen initiatief aan het Europees Parlement, de Raad en de Commissie advies uitbrengen of aanbevelingen doen over alle aangelegenheden die verband houden met de doelstellingen waarvoor het is opgericht.
2. Op verzoek van ACER verstrekken de regulerende instanties, het ENTSB voor elektriciteit, het ENTSB voor gas, de regionale coördinatiecentra, de EU DSB-entiteit, de transmissiesysteembeheerders en de benoemde elektriciteitsmarktbeheerders aan ACER de informatie die ACER uit hoofde van deze verordening voor de uitvoering van de taken van ACER nodig heeft, tenzij ACER die informatie reeds heeft gevraagd en ontvangen.
ACER is bevoegd om besluiten te nemen met het oog op de in de eerste alinea bedoelde vragen naar informatie. In zijn besluiten vermeldt ACER het doel van het verzoek, de rechtsgrond op basis waarvan de informatie wordt opgevraagd en de voor de informatieverstrekking vastgestelde termijn. Die termijn moet evenredig zijn met het verzoek.
ACER gebruikt uit hoofde van deze verordening ontvangen vertrouwelijke informatie alleen voor het uitvoeren van de taken die bij deze verordening aan ACER zijn opgedragen. ACER waarborgt een passende gegevensbescherming voor alle informatie overeenkomstig artikel 41.