Art. 5 Verordening (EU) 2019/452, Jaarlijkse verslaglegging
1. Uiterlijk op 31 maart van elk jaar dienen de lidstaten bij de Commissie een verslag in over het vorige kalenderjaar, dat geaggregeerde informatie bevat over buitenlandse directe investeringen die op hun grondgebied hebben plaatsgevonden, op basis van informatie waarover zij beschikken, alsmede geaggregeerde informatie over de van andere lidstaten ontvangen verzoeken overeenkomstig artikel 6, lid 6, en artikel 7, lid 5.
2. Voor elke verslagleggingsperiode verstrekken de lidstaten die over screeningmechanismen beschikken, naast de in lid 1 bedoelde informatie ook geaggregeerde informatie over de toepassing van hun screeningmechanismen.
3. De Commissie dient jaarlijks een verslag over de uitvoering van deze verordening in bij het Europees Parlement en de Raad. Dat verslag wordt openbaar gemaakt.
4. Het Europees Parlement kan de Commissie op een vergadering van zijn bevoegde commissie uitnodigen om systemische kwesties met betrekking tot de uitvoering van deze verordening uiteen te zetten en toe te lichten.