Art. 7 Richtlijn (EU) 2019/944, Directe lijnen

Richtlijn (EU) 2019/944

1. De lidstaten nemen maatregelen om het mogelijk te maken dat:

a) alle op hun grondgebied gevestigde elektriciteitsproducenten en elektriciteitsleveranciers, hun eigen vestigingen, dochterondernemingen en afnemers via een directe lijn kunnen leveren zonder onderworpen te zijn aan onevenredige administratieve procedures of kosten;

b) alle individuele of collectieve afnemers die op hun grondgebied gevestigd zijn, via een directe lijn kunnen worden bevoorraad door elektriciteitsproducenten en elektriciteitsleveranciers.

2. De lidstaten stellen criteria vast voor de toekenning van vergunningen voor de aanleg van directe lijnen op hun grondgebied. Deze criteria zijn objectief en niet-discriminerend.

3. De mogelijkheid van elektriciteitslevering via een directe lijn zoals bedoeld in lid 1 van dit artikel laat de mogelijkheid tot het sluiten van een leveringscontract overeenkomstig artikel 6 onverlet.

4. De lidstaten kunnen de aflevering van een vergunning voor de aanleg van een directe lijn afhankelijk stellen van een weigering van toegang tot het systeem op basis van – voor zover van toepassing – artikel 6, dan wel de start van een geschillenbeslechtingsprocedure uit hoofde van artikel 60.

5. De lidstaten kunnen de vergunning voor een directe lijn weigeren indien door de verlening van een dergelijke vergunning de toepassing van de bepalingen inzake openbaredienstverplichtingen van artikel 9 zouden worden overtreden. Een dergelijke weigering wordt naar behoren met redenen omkleed.

Uitspraken die dit artikel aanhalen

Vorige artikelen

Volgende artikelen