Art. 34 Verordening (EU) 2018/1861, Nationale bevoegde autoriteiten met recht op toegang tot gegevens in SIS

Verordening (EU) 2018/1861

1. De bevoegde nationale autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor de identificatie van onderdanen van derde landen hebben toegang tot de in SIS ingevoerde gegevens en hebben het recht om deze gegevens direct in SIS of in een kopie van de SIS-databank te bevragen ten behoeve van:

a) grenscontrole, overeenkomstig Verordening (EU) 2016/399;

b) politie- en douanecontroles die in de betrokken lidstaat worden uitgevoerd, en de coördinatie daarvan door de daartoe aangewezen autoriteiten;

c) het voorkomen, opsporen, onderzoeken of vervolgen van terroristische misdrijven of andere ernstige strafbare feiten, of voor de tenuitvoerlegging van strafrechtelijke sancties, in de betrokken lidstaat, mits Richtlijn (EU) 2016/680 van toepassing is;

d) het onderzoeken van de voorwaarden en het nemen van beslissingen in verband met de toegang tot en het verblijf van onderdanen van derde landen op het grondgebied van de lidstaten, met inbegrip van verblijfsvergunningen en visa voor verblijf van langere duur, en in verband met de terugkeer van onderdanen van derde landen, alsmede het verrichten van controles van onderdanen van derde landen die het grondgebied van de lidstaten illegaal zijn binnengekomen of er illegaal verblijven;

e) veiligheidscontroles van onderdanen van derde landen die internationale bescherming vragen, voor zover de autoriteiten die de controles verrichten geen „beslissingsautoriteiten” zijn zoals gedefinieerd in artikel 2, onder f), van Richtlijn 2013/32/EU van het Europees Parlement en de Raad (35), en in voorkomend geval het verstrekken van advies overeenkomstig Verordening (EG) nr. 377/2004 van de Raad (36);

f) het onderzoeken van visumaanvragen en het nemen van beslissingen in verband met deze aanvragen, alsmede inzake nietigverklaring, intrekking of verlenging van visa, overeenkomstig Verordening (EG) nr. 810/2009 van het Europees Parlement en de Raad (37).

2. De nationale bevoegde autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor naturalisatie hebben overeenkomstig het nationale recht, met het oog op het onderzoek van een aanvraag tot naturalisatie, recht op toegang tot gegevens in SIS en hebben het recht tot rechtstreekse doorzoeking daarvan.

3. Voor de toepassing van de artikelen 24 en 25 hebben ook de nationale justitiële autoriteiten, met inbegrip van de autoriteiten die belast zijn met de instelling van strafvervolging en van justitiële onderzoeken voorafgaand aan het in staat van beschuldiging stellen van een persoon, alsook hun coördinerende instanties, met het oog op de uitvoering van hun bij nationaal recht vastgestelde taken, recht op toegang tot de gegevens in SIS en tot rechtstreekse doorzoeking daarvan.

4. Ook de in lid 1, onder f), van dit artikel bedoelde autoriteiten hebben recht op toegang tot en doorzoeking van gegevens over persoonsdocumenten die zijn ingevoerd overeenkomstig artikel 38, lid 2, onder k) en l), van Verordening (EU) 2018/1862.

5. De in dit artikel bedoelde bevoegde autoriteiten worden ingevoerd in de in artikel 41, lid 8, bedoelde lijst.