Art. 26 Verordening (EU) 2018/1861, Voorwaarden voor de invoering van signaleringen van onderdanen van derde landen die begunstigden zijn van het recht van vrij verkeer binnen de Unie
1. Een signalering ten aanzien van een onderdaan van een derde land die een begunstigde is van het recht van vrij verkeer binnen de Unie overeenkomstig Richtlijn 2004/38/EG of een overeenkomst tussen de Unie of de Unie en haar lidstaten enerzijds, en een derde land anderzijds, voldoet aan de tot omzetting van die richtlijn of overeenkomst vastgestelde voorschriften.
2. In geval van een hit naar aanleiding van een signalering die overeenkomstig artikel 24 is ingevoerd met betrekking tot een onderdaan van een derde land die een begunstigde is het recht van vrij verkeer binnen de Unie, pleegt de uitvoerende lidstaat onmiddellijk overleg met de signalerende lidstaat via het uitwisselen van aanvullende informatie, teneinde onverwijld te besluiten welke actie moet worden ondernomen.