Art. 3 Verordening (EU) 2018/1860, Invoering van signaleringen inzake terugkeer in SIS

Verordening (EU) 2018/1860

1. De lidstaten voeren in SIS signaleringen in van onderdanen van derde landen jegens wie een terugkeerbesluit is uitgevaardigd om te verifiëren of aan de terugkeerverplichting is voldaan en om de tenuitvoerlegging van terugkeerbesluiten te ondersteunen. Wanneer een terugkeerbesluit wordt uitgevaardigd, wordt onverwijld een signalering inzake terugkeer in SIS ingevoerd.

2. De lidstaten kunnen ervan afzien signaleringen inzake terugkeer in te voeren, indien de terugkeerbesluiten onderdanen van derde landen betreffen die in afwachting van verwijdering worden vastgehouden. Indien de betrokken onderdanen van derde landen worden vrijgelaten zonder te worden verwijderd, wordt in SIS onverwijld een signalering inzake terugkeer ingevoerd.

3. De lidstaten kunnen er van afzien signaleringen inzake terugkeer in te voeren, indien het terugkeerbesluit wordt uitgevaardigd aan de buitengrens van een lidstaat en onmiddellijk ten uitvoer wordt gelegd.

4. De termijn voor vrijwillig vertrek die is toegekend overeenkomstig artikel 7 van Richtlijn 2008/115/EG, wordt onmiddellijk in de signalering inzake terugkeer geregistreerd. Een verlenging van die termijn wordt onverwijld in de signalering geregistreerd.

5. Elke schorsing of uitstel van de uitvoering van het terugkeerbesluit, onder meer als gevolg van het instellen van beroep, wordt onmiddellijk in de signalering inzake terugkeer geregistreerd.

Uitspraken die dit artikel aanhalen