Art. 23 Verordening (EU) 2018/1726, Stemprocedure in de raad van bestuur

Verordening (EU) 2018/1726

1. Onverminderd lid 5 van dit artikel, artikel 19, lid 1, onder b) en r), artikel 21, lid 1, en artikel 25, lid 8, besluit de raad van bestuur bij meerderheid van zijn stemgerechtigde leden.

2. Onverminderd de leden 3 en 4, heeft ieder lid van de raad van bestuur één stem. Bij afwezigheid van een stemgerechtigd lid mag zijn plaatsvervanger diens stemrecht uitoefenen.

3. Ieder lid dat is benoemd door een lidstaat die krachtens het Unierecht is gebonden door een Unierechtshandeling betreffende de ontwikkeling, de oprichting, de werking en het gebruik van een door het Agentschap beheerd grootschalig IT-systeem, kan zijn stem uitbrengen bij de behandeling van een vraagstuk dat betrekking heeft op dat grootschalige IT-systeem.

Denemarken kan zijn stem uitbrengen met betrekking tot een vraagstuk dat betrekking heeft op een grootschalig IT-systeem, indien het op grond van artikel 4 van Protocol nr. 22 besluit de Unierechtshandeling betreffende de ontwikkeling, de instelling, de werking en het gebruik van dat welbepaalde grootschalige IT-systeem in nationaal recht om te zetten.

4. Artikel 42 is van toepassing inzake het stemrecht van de vertegenwoordigers van landen die met de Unie overeenkomsten hebben gesloten over hun betrokkenheid bij de uitvoering, de toepassing en de ontwikkeling van het Schengenacquis, en bij de Dublin- en Eurodac-maatregelen.

5. Indien de leden het oneens zijn over de vraag of een stemming al dan niet betrekking heeft op een welbepaald grootschalig IT-systeem, wordt de beslissing dat deze stemming niet dat welbepaalde grootschalige IT-systeem betreft, genomen bij tweederdemeerderheid van de stemgerechtigde leden van de raad van bestuur.

6. De voorzitter, of de vicevoorzitter wanneer hij de voorzitter vervangt, neemt niet aan de stemming deel. Het stemrecht van de voorzitter, of de vicevoorzitter wanneer hij de voorzitter vervangt, wordt uitgeoefend door zijn plaatsvervanger.

7. De uitvoerend directeur neemt niet aan de stemming deel.

8. Het reglement van orde van de raad van bestuur bepaalt de nadere bijzonderheden van de stemprocedure en in het bijzonder de voorwaarden waaronder een lid namens een ander lid kan handelen, alsmede de quorumvoorschriften, indien van toepassing.

Vorige artikelen

Volgende artikelen