Art. 39 Verordening (EU) 2018/1046, Raming van uitgaven en ontvangsten

Verordening (EU) 2018/1046

1. Elke andere instelling van de Unie dan de Commissie stelt een raming op van haar ontvangsten en uitgaven, die zij vóór 1 juli van elk jaar aan de Commissie en tegelijkertijd ter informatie aan het Europees Parlement en aan de Raad toezendt.

2. De hoge vertegenwoordiger pleegt overleg, betreffende hun respectieve bevoegdheidsgebieden, met de leden van de Commissie die bevoegd zijn voor ontwikkeling, nabuurschapsbeleid, internationale samenwerking, humanitaire hulp en crisisrespons.

3. De Commissie stelt haar eigen raming op en zendt deze onverwijld na goedkeuring ervan aan het Europees Parlement en aan de Raad toe. Bij de opstelling van haar eigen raming maakt de Commissie gebruik van de in artikel 40 bedoelde informatie.

Vorige artikelen

Volgende artikelen