Art. 267 Verordening (EU) 2018/1046, Procedure van vroegtijdige kennisgeving en procedure van voorafgaande toestemming
1. De procedure van vroegtijdige kennisgeving als bedoeld in artikel 266, lid 2, en de procedure van voorafgaande toestemming als bedoeld in artikel 266, leden 3 en 4, zijn niet van toepassing op de verwerving van grond die gratis of tegen een symbolisch bedrag gebeurt.
2. De in artikel 266, lid 2, bedoelde procedure van vroegtijdige kennisgeving en de in artikel 266, leden 3 tot en met 4, bedoelde procedure van voorafgaande toestemming zijn ook van toepassing op woongebouwen indien de prijs voor de verwerving, structurele renovatie of bouw van onroerend goed of projecten die deze elementen binnen eenzelfde termijn combineren, meer dan 2 000 000 EUR bedraagt, en meer dan 110 % van de lokale prijs of de huurindex van vergelijkbare onroerende goederen. Het Europees Parlement en de Raad kunnen de bevoegde instelling van de Unie vragen alle informatie met betrekking tot woongebouwen te verstrekken.
3. In uitzonderlijke of spoedeisende politieke omstandigheden kan voor onroerendgoedprojecten van delegaties van de Unie of kantoren in derde landen de vroegtijdige kennisgeving als bedoeld in artikel 266, lid 2, samen met de presentatie van het onroerendgoedproject als bedoeld in artikel 266, lid 3, worden gedaan. De procedures van vroegtijdige kennisgeving en voorafgaande toestemming krijgen in dat geval zo gauw mogelijk hun beslag.
Voor projecten in verband met woongebouwen in derde landen worden de procedure van vroegtijdige kennisgeving en de procedure van voorafgaande toestemming gezamenlijk gevolgd.
4. De procedure van voorafgaande toestemming als bedoeld in artikel 266, leden 3 en 4, is niet van toepassing op voorbereidende overeenkomsten of studies ter beoordeling van de precieze kosten en de financiering van het onroerendgoedproject.